Over kanker, leefstijl, en wat we liever niet horen — maar wat het waard is om te weten.
Noot vooraf: “de olifant in de kamer” is een Engelse uitdrukking — the elephant in the room — voor iets wat iedereen ziet, iedereen voelt, maar waar niemand het over wil hebben. Het beest staat midden in de ruimte, maar uit beleefdheid, ongemak of onwil kijken we er collectief omheen. Dat is wat deze blog bedoelt. Niet meer, niet minder. En zeker niet een verwijzing naar gewicht of lichaamsvorm — dat is hier volstrekt niet aan de orde.
Er zijn onderwerpen waar je niet zomaar over begint. Aan de keukentafel niet, op verjaardagen niet, en eerlijk gezegd ook in de spreekkamer van de huisarts niet altijd. Kanker is zo’n onderwerp. Het woord alleen al voelt zwaar. En begrijpelijk — want kanker raakt iedereen wel ergens, op de een of andere manier.
Maar er is iets wat we als samenleving al jaren collectief een beetje wegkijken. Niet uit onwetendheid. Eerder omdat het ongemakkelijk is. Omdat het raakt aan gewoonten die we lief hebben. Aan keuzes die van onszelf zijn.
En dat is precies waarom het de moeite waard is om er wél over te beginnen.
Wat de wetenschap zegt
Begin 2026 publiceerden de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en haar onderzoeksinstituut IARC een van de meest uitgebreide kankeranalyses ooit. Data uit 185 landen, 36 soorten kanker, en een nauwkeurige doorrekening van 30 risicofactoren.
De conclusie: bijna 40% van alle nieuwe kankergevallen wereldwijd is te herleiden tot factoren die we zelf kunnen beïnvloeden.
Dat is geen kleine claim. Dat zijn 7,1 miljoen mensen per jaar, waarvan een groot deel — in theorie — een andere kant op had gekund.
De onderzoekers voegen daar zelf nog iets opmerkelijks aan toe: dit getal is waarschijnlijk een onderschatting. Sommige voedingsgerelateerde factoren konden niet worden meegenomen omdat het bewijs daarvoor wereldwijd nog niet volledig genoeg is. Het werkelijke percentage ligt dus mogelijk nog hoger.
De grote drie
Als je kijkt naar wat het zwaarst weegt in die 30 risicofactoren, dan zijn er drie die er bovenuit steken:
Roken staat op één. Verantwoordelijk voor 15% van alle nieuwe kankergevallen wereldwijd. Niet verrassend — maar de schaal blijft indrukwekkend.
Infecties komen op twee, goed voor zo’n 10%. Denk aan HPV (baarmoederhalskanker), hepatitis B en C, en de H. pylori bacterie (maagkanker). Veel van deze infecties zijn te voorkomen via vaccinatie of te behandelen als ze vroeg worden opgespoord.
Alcohol staat op drie, met zo’n 3% van alle gevallen. Bescheidener in percentage, maar niet in impact — want alcohol verhoogt het risico op meerdere kankersoorten tegelijk, en dat verband is in de wetenschappelijke literatuur ondubbelzinnig vastgesteld.
Wat er verder in het lijstje staat
Naast de grote drie zijn er risicofactoren die minder in het nieuws komen, maar wel degelijk meetbaar bijdragen:
Overgewicht. Onvoldoende beweging. Luchtvervuiling. Blootstelling aan UV-straling. Bepaalde stoffen op de werkplek.
En dan — voor wie dit leest als vrouw — is er iets wat opvalt. Bij vrouwen zijn infecties de grootste vermijdbare risicofactor (11%), gevolgd door roken (6%) en overgewicht (3%). Dat derde punt — overgewicht als risicofactor voor kanker — is iets wat veel mensen verrast. We kennen overgewicht als risicofactor voor hart- en vaatziekten, voor diabetes. Maar kanker? Dat verband is minder bekend, en onderbelicht.


Geen vingertjes
Hier is het punt waar dit verhaal een andere kant op gaat dan je misschien verwacht.
Want dit is geen oproep om jezelf schuldig te voelen. Niet over je rookverleden, niet over je drankgebruik op feestjes, niet over de kilo’s die er de afgelopen jaren bij zijn gekomen. Dat helpt niemand, en het is ook niet de bedoeling van het onderzoek.
Wat het onderzoek wél laat zien, is dat leefstijl er toe doet. Niet als morele kwestie, maar als meetbare werkelijkheid. En dat is een andere toon.
Schuld werkt verlammend. Kennis werkt bevrijdend — als je er iets mee kunt.
Wat je er wél mee kunt
Het mooie van dit soort onderzoek is dat het ook hoop biedt. Want als bijna 40% van de gevallen samenhangt met beïnvloedbare factoren, dan is er ruimte. Niet voor perfectie. Wel voor beweging.
Stoppen met roken heeft — ongeacht je leeftijd — direct effect op je risico.
Minder alcohol betekent minder risico. Dat geldt al bij een matige reductie.
Meer bewegen, gezonder eten, op gewicht blijven — het zijn clichés geworden, precies omdat ze zo breed inzetbaar zijn. Maar clichés worden dat niet voor niets.
En vaccinaties — voor HPV, voor hepatitis B — zijn voor bepaalde groepen een concreet en effectief middel om een infectiegerelateerd kankerrisico te verkleinen.
Kleine stappen, gestapeld over de tijd. Geen grote offers, geen radicale omwentelingen. Gewoon: de weegschaal een klein beetje de andere kant op laten tikken.
Tot slot
Kanker zal altijd deels onvoorspelbaar blijven. Genetica speelt een rol. Toeval speelt een rol. Niet alles valt te sturen, en dat is een realiteit die we moeten accepteren.
Maar 40% is niet niets. Dat is geen speld in een hooiberg — dat is een substantieel deel van het verhaal dat we wél zelf kunnen schrijven.
En misschien is dat precies waarom het de moeite waard is om de olifant in de kamer nu en dan gewoon bij z’n naam te noemen.
Bronnen: WHO/IARC Global Cancer Burden Analysis 2026, gepubliceerd in Nature Medicine.

Over Kitty Atsma
Kitty is een gepassioneerd voedingsspecialist en vitaliteitscoach met een brede wetenschappelijke basis in voeding en beweging. Als lid van de landelijke examencommissie van het TCI (Voedingsspecialist & GWC) bewaakt zij de kwaliteit van het vakgebied op het hoogste niveau. Als professioneel blogger combineert Kitty haar diepgaande expertise met de mogelijkheden van AI om complexe gezondheidsthema’s toegankelijk te maken. Zij cureert en stuurt de technologie aan om tot de kern van de zaak te komen, waarbij haar eigen visie en jarenlange praktijkervaring altijd de koers bepalen.
Docent Voedingsspecialist | BGN Gewichtsconsulent | Lid TCI Examencommissie | Vitaliteitscoach
